Het gebouw / het verhaal / de verandering

De protestantse gemeente in de Bergkerk kreeg al vroeg te maken met een teruggang in het aantal kerkleden. Door de stedenbouwkundige ontwikkeling in de naoorlogse periode met nieuwe buitenwijken met ruimere woningen verloren de oude binnensteden steeds meer hun woonfunctie. Het Bergkwartier had bovendien te maken met een sterke verpaupering, waardoor gemeenteleden wegtrokken. De Nederlands Hervormde kerk koos er voor om in de binnenstad de Lebuïnuskerk te handhaven voor de eredienst. De Bergkerk werd verlaten. De gemeente Deventer werd eigenaar van het gebouw.
De grote monumentale waarde van de Bergkerk stelde vanaf het begin duidelijke beperkingen aan mogelijke herbestemming. De monumentale interieurelementen zoals de vloeren, de koperen kroonluchters, de preekstoel en het orgel, alsmede de ruimtelijke beleving zijn bepalend voor de mogelijkheden. Inbouw van nieuwe elementen is daardoor zeer problematisch.
Een culturele bestemming lag voor de hand, omdat daarmee een publieke functie bleef behouden en de toegankelijkheid tot het gebouw was gegarandeerd. Lange tijd werd het gebouw gebruikt als een dependance van de Hannema de Stuers Fundatie in Heino. Nadat deze functie kwam te vervallen heeft de gemeente Deventer onderzoek laten doen naar nieuwe mogelijkheden voor gebruik. In 2005 werd de VVV Deventer gevraagd het beheer van de kerk op zich te nemen. De VVV zette in op een zogenaamde ‘open formule, waarbij de kerkruimte in principe vrij toegankelijk zou zijn voor bezoekers en volop ruimte werd geboden aan het houden en ontplooien van culturele activiteiten. De VVV stelt de ruimte beschikbaar, maar is niet actief sturend in de programmering. De Bergkerk kon zo als een van de belangrijkste monumenten van Deventer een bijdrage leveren aan het cultuurtoerisme in de stad én het culturele karakter van het inmiddels gerenoveerde Bergkwartier versterken.
Op 10 januari 2006 opende de Bergkerk haar deuren voor bezoekers en Deventernaren. Dit was een groot succes, want de kerk werd in 9 maanden tijd door 30.000 mensen bezocht. De kerk werd zo weer een middelpunt in de stad. Ook het gebruik als cultureel podium is succesvol. De VVV heeft voor dit culturele gebruik een aantal randvoorwaarden gesteld, om er voor zorg te dragen dat de activiteiten passend zijn voor de monumentale ruimte en omgeving van de kerk. Onnodige concurrentie met andere voorzieningen (waaronder ook die met de Lebuïnuskerk) moest te allen tijde worden voorkomen. De kwaliteit van de culturele activiteit staat voorop en moet een toegevoegde waarde betekenen voor het totaalaanbod in de stad. De toegankelijkheid wordt gegarandeerd, waarvoor steeds terughoudend met toegangsprijzen is omgegaan. De programmering in de kerk loopt uitstekend. De kerk is verder beschikbaar voor feestelijke bijeenkomsten, die passen binnen het geschetste kader.
De Bergkerk wordt niet commercieel geëxploiteerd. De onderhoudskosten worden nog steeds gefinancierd uit de al lang beschikbare budgetten. De meerkosten voor het openstellen en het organiseren van culturele activiteiten worden wel zo veel mogelijk betaald uit de opbrengsten uit verhuur. De opbrengst voor de stad is hoe dan ook groot. De openstelling betekent een verlevendiging van het culturele klimaat in de stad en in het Bergkwartier. Dit is een sterke troef bij de promotie van het cultuurtoerisme in Deventer.

De Bergkerk is vrij toegankelijk De culturele functie versterkt het karakter van het Bergkwartier De culturele agenda van de Bergkerk is goed gevuld

De grote kerkruimte kan eenvoudig worden ingericht voor diverse culturele functies De aanpassingen voor de culturele functie en de openstelling zijn minimaal, zodat de ruimtelijke beleving van het kerkinterieur optimaal blijft Een verrijdbare balie voor flexibel gebruik

Moderne, onopvallende lampen naast monumentale armaturen Toiletruimte in het zuidelijke transept De kerk en de georganiseerde culturele activiteiten worden zeer gewaardeerd

De Bergkerk maakt een belangrijk onderdeel uit van de culturele infrastructuur van Deventer