Voor de katholieke kerken ligt de besluitvorming bij de bisdommen, voor de Overijssels kerken dus bij het bisdom Utrecht. Als het besluit is gevallen dat een kerkgebouw geen kerk meer zal zijn, wordt dat met een bijzondere ceremonie bekrachtigd; de kerk wordt daarmee onttrokken aan de eredienst. Dat wil nog niet zeggen dat er vanaf dat moment alles mogelijk is. In religieus, emotioneel en sociaal maatschappelijk opzicht wordt zeer voorzichtig omgesprongen met een mogelijke toekomstige bestemming van een gebouw. In sommige gevallen wordt herbestemming toegestaan, maar in vele gevallen wordt het gebouw gesloopt om plaats te maken voor nieuwbouw met een andere bestemming om te voorkomen dat het een profaan gebruik zal krijgen. Het kerkelijk wetboek zegt daarover in canon 1222, par 2: ”Waar andere ernstige redenen het raadzaam maken dat een kerk niet langer voor de goddelijke eredienst wordt gebruikt, kan de diocesane bisschop, na de priesterraad gehoord hebbende, deze terugbrengen tot een profaan en niet onwaardig gebruik, met toestemming van hen die wettig rechten op de kerk laten gelden en mits het zielenheil er geen enkele schade door lijdt.”