Het gebouwde religieuze erfgoed van Overijssel omvat vooral christelijke kerkgebouwen, maar de provincie kent natuurlijk ook synagogen en, sinds meer recente tijden, ook moskeeën. Andere geloofsrichtingen manifesteren zich veel minder nadrukkelijk met gebouwen in de openbare ruimte.
Iedere generatie en iedere geloofsrichting besteedden bijzondere aandacht aan de plaatsen van samenkomst. Deze gebouwen bevatten daardoor letterlijk en figuurlijk de ziel en zaligheid van een gemeenschap. Van oudsher bestonden er nauwe banden tussen de kerken en de politiek, de kerken waren lange tijd zelfs zelf machtsblokken om rekening mee te houden. Het kerkgebouw was ook een middel om die macht en invloed tot uitdrukking te brengen. Opdrachtgevers en bouwmeesters van kerkgebouwen wedijverden met elkaar in de pracht en omvang van hun gebouwen. Zij maakten zeer bewust gebruik van bepaalde stijlkenmerken, plattegronden of gebouwvormen om zich binnen de maatschappij te positioneren.
Het spreekt voor zich dat de religieuze bouwwerken in de eerste plaats beantwoorden aan de liturgische vereisten van de gebruikers. Het liturgisch gebruik verklaart de opzet en plattegrond van deze gebouwen in grote mate. In protestantse kerken ligt het hoofdaccent bijvoorbeeld op de kansel, het doopvont en de avondmaalstafel. Deze kunnen tot één hoofdmoment in de architectuur worden samengebracht, maar kunnen ook verspreid in de ruimte staan opgesteld. In de katholieke kerken ís de positie van het altaar, vaak in een aparte koorruimte aan de oostzijden bepalend. De wijding maakt de katholieke kerk bovendien sacraal, waardoor het gebouw en de gebouwonderdelen vaak zijn beladen met symboliek. In de synagoge vormen het spreek- of leesgestoelte de hoofdonderdelne van de inrichting, terwijl het in moskeeën noodzakelijk is dat de gelovigen zich bij hun gebed kunnen richten naar Mekka. In beide gebouwtypen is een fysieke scheiding van mannen en vrouwen gewenst. Liturgische eisen of inrichtingen veranderen met de tijd, vooral in de christelijke kerken. De inrichting van kerken blijkt dan ook door de tijd heen zeer dynamisch.
Het provinciale religieuze erfgoed tezamen vormt een staalkaart van de culturele, religieuze, politieke, maatschappelijke en menselijke geschiedenis van de provincie. De gebouwen zijn door hun schaal en positionering vaak beeldbepalende gebouwen in een stad of dorp. De bijzondere (architectuur)historische en maatschappelijke betekenis van kerkgebouwen vraagt om een zorgvuldige behandeling van dit erfgoed. Voor leegstaande of leegkomende kerken zullen maatschappelijk aanvaardbare oplossingen gevonden moeten worden. Deze oplossingen zullen van geval tot geval verschillen, waarbij rekening gehouden moet worden met de specifieke kenmerken van het gebouw, zoals omvang, schaal, bouwtype, architectuur etc. Herbestemmen is echter, net als de bouw van religieuze gebouwen, een proces van alle tijden en alle generaties.

Een korte kerken(bouw)geschiedenis voor Overijssel

Kerken van na de Reformatie

Verscheidenheid in de negentiende en twintigste eeuw

Veranderingen na de oorlog